rekenen boek B blok 1

We starten met het B-boek van rekenen. We beginnen in blok 1. 

Oriëntatie op de getallen; 

We oefenen met de getallen t/m 40. M.b.v. de klassikale getallenlijn worden allerlei oefeningen gedaan. Ook moeten de kinderen stukken getallenlijn invullen, buurgetallen zoeken en getallen op volgorde zetten. De begrippen oneven en even komen aan de orde. De structuur van de getallen t/m 20 wordt verder verkend. De kinderen leren sommen uit te rekenen als 10+6=… en  6+10=… Maar ook 16=10+… en 16=…+6. Hierbij wordt het rekenrek gebruikt. 

 

Splitsen, optellen en aftrekken t/m 10 

De splitsingen t/m  worden herhaald, de splitsingen van 7 en 8 aangeboden en ingeoefend. De overstap van pijlentaal naar de formule 5+3=… wordt gemaakt. Er wordt verder gewerkt aan het automatiseren van de optel- en aftreksommen t/m 10. 

 

Geld, tijd, meten en meetkunde 

Kinderen vergelijken oppervlakten met een natuurlijke maat en ontdekken de rechthoekstructuur bij regelmatige figuren. Het klokkijken met hele uren wordt herhaald en verbonden met het dagritme van de kinderen; Hoe laat sta je op? Wanneer ga je naar school?... 

De briefjes van 10 en 5 en de munten van 1 en 2 euro worden geïntroduceerd. De kinderen leren af te lezen hoeveel geld er ligt en bedragen gepast te betalen. Bij meetkunde krijgen de kinderen een tekening te zien van een aantal straatjes in vogelvluchtperspectief. De kinderen moeten deze tekening omzetten in een plattegrond. 

 

Terug naar overzicht